PTSS/Trauma

Algemene omschrijving

Het aantal kinderen en adolescenten dat te maken krijgt met traumatische ervaringen is groot. Te denken valt aan een ongeluk, de dood van een familielid, mishandeling, verwaarlozing, seksueel misbruik, het getuige zijn van geweld binnen het gezin, het meemaken van een natuurramp of oorlogsgeweld. Dit kan leiden tot chronische traumatische stress. Sommige kinderen en jongeren hebben langdurige en vaak meerdere stressbronnen (bijv. in een gezinssysteem) ervaren. Zij hebben dan te maken met een meervoudig trauma en/of voortdurend trauma.

Kenmerken en diagnose

Kinderen en adolescenten kunnen ten gevolge trauma allerlei klachten ontwikkelen op cognitief, sociaal en emotioneel gebied. Soms zijn de klachten zo ernstig en langdurig dat er sprake is van een posttraumatische stressstoornis (PTSS). Bij PTSS is er sprake van het weer terugkomen van beelden, gevoelens en gedachten aan de gebeurtenis, het vermijden van plekken, personen en dingen die doen denken aan de gebeurtenis en verhoogde prikkelbaarheid.

Kinderen die last hebben van een trauma hebben dat op verschillende levensgebieden. Dit kan tot uiting komen in gedrag op school, thuis en in de omgang met leeftijdsgenoten. Er bestaan verschillende soorten stoornissen waarin een trauma tot uiting kan komen.

Acute stressstoornis

Bij kinderen kunnen we dit herkennen wanneer er na een trauma onmiddellijk chaotisch of geagiteerd gedrag optreedt. Daarnaast ook te herkennen aan nachtmerries, het steeds opnieuw beleven van de gebeurtenis, angst, verhoogde prikkelbaarheid.

De kenmerken van PTSS, het kind heeft vaak:
  • nachtmerries
  • slaapproblemen
  • last van prikkelbaar zijn
  • concentratieproblemen
  • herbelevingen

Dissociatieve stoornissen

Dissociëren, verminderd bewustzijn
Wanneer we deze diagnose stellen dan is er sprake geweest van chronisch trauma bij een kind/jongere. Om dit te kunnen overleven heeft hij/zij een manier ontwikkeld om met die voortdurende stress om te gaan. Het gaat zich dan emotioneel terugtrekken, we spreken dan van verminderd bewustzijn. Dissociëren betekent dat het kind/jongere tijdens een trauma de traumatische beleving volledig of gedeeltelijk loskoppelt van het persoonlijk bewustzijn.

Aanpak en therapie

Het is van groot belang om kinderen en adolescenten te behandelen voor klachten bij trauma en PTSS omdat deze anders tot een langdurige en ernstige verstoring van de ontwikkeling kunnen leiden.

  • EMDR staat voor Eye Movement Desensitization and Reprocessing. Het is een behandelmethode om traumatische ervaringen te verwerken, bijvoorbeeld een (verkeers)ongeluk, een overval, medische handelingen en pesterijen. Deze behandelmethode wordt in Nederland bij volwassenen toegepast sinds 1994 en bij kinderen en jongeren sinds 2000. Bij EMDR worden elementen van verschillende gangbare therapievormen gecombineerd met beurtelingse stimulatie van beide hersenhelften. Zo wordt de informatieverwerking in de hersenen gestimuleerd.
    Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat EMDR succesvol is bij volwassenen. Ook bij kinderen zijn de uitkomsten veelbelovend
  • Cognitieve gedragstherapie (CGT) is een werkwijze die bij verschillende problemen effectief kan zijn. Kort gezegd is het doel van cognitieve gedragstherapie het opsporen en corrigeren van denkfouten, die leiden tot psychische problemen en afwijkend gedrag. Hoewel de inhoud van de therapie wordt aangepast aan de problemen die moeten worden aangepakt, bestaan er gemeenschappelijke veelgebruikte technieken zoals cognitieve herstructurering en psycho-educatie. De therapie is geschikt voor jeugdigen, volwassenen en gezinssystemen. Doorgaans wordt de interventie ingezet bij kinderen en jongeren tussen 8 en 18 jaar. De duur van een CGT-programma kan variëren van drie maanden tot ongeveer één jaar. (NJI)
  • Exposure therapie. Kan versneld en vergemakkelijkt worden met WRITEjunior: is een behandeling ontwikkeld waarbij de kinderen het verhaal van hun traumatische ervaring opschrijven met behulp van de computer. Het is een vorm van cognitief gedragstherapeutische behandeling, een wetenschappelijk gefundeerde behandeling, en is geschikt voor zowel kinderen die eenmalig als voor kinderen die meerdere malen aan een traumatische gebeurtenis zijn blootgesteld. De belangrijkste onderdelen van de behandeling zijn exposure (kinderen de traumatische gebeurtenis laten herbeleven, maar op een manier dat ze er tegen kunnen), cognitieve herstructuring (kinderen op zo’n manier tegen de gebeurtenis aan laten kijken, dat hun gedachten erover veranderen) en social sharing (het delen van de ervaring met belangrijke anderen). De behandeling wordt zowel door de kinderen en jongeren als door behandelaars als niet belastend ervaren. Daarnaast is de behandeling kortdurend en effectief.
  • Het zogenaamde ARC-model: behandelkader dat gebruik maakt van Hechting, Zelfregulatie en Competenties. Het behandelen van trauma bij kinderen en jongeren bestaat uit tien belangrijke behandeldoelen (de ‘bouwstenen’).