Stoornissen/diagnose:
- Asperger, Autisme
- ADHD
- ADD
- PDD NOS
- Oppositioneel Opstandige Gedragsstoornis (ODD)
- Antisociale gedragsstoornis (CD)
- Eetstoornissen
- Gilles de la Tourette (en andere tikstoornissen)
- Obsessieve dwangstoornis (OCD)
- Dyspraxie (DCD), motorische onhandigheid
- Dyscalculie
- Dyslexie
- Non-verbale informatie (NLD)
- Meervoudige complexe ontwikkelingsstoornissen (MCDD)
- Schizofrenie
- Stemmingsstoornissen
- Angst en fobie
- Hechtingsstoornis
- Psychose
Andere problemen:
- Zorg voor Jeugd
Training en therapieën:
- Psychomtorische therapy (agressietraining)
- Zelfhulpboeken (SWP)
- Creatieve therapie
- Onbewuste herstructurering
- Gedragstherapie
- Cognitieve therapie
- Psychofysieke training bij jongens (Rots en Water)
Verschil PDD-NOS en ADHD moeilijk aantoonbaar
In de praktijk blijkt het lastig om op klinische gronden een onderscheid te maken tussen PDD-NOS en ADHD. Promvendus Karin Gomarus onderzocht of het verschil kon worden aangetoond op basis van informatieverwerkingsvaardigheden.
PDD-NOS (Pervasive Development Disorder – Not Otherwise Specified) en ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder) worden in het diagnostisch handboek voor psychische stoornissen beschreven als twee afzonderlijke categorieën. Beide stoornissen worden bovendien geassocieerd met verschillende gedragskenmerken, zoals beperkingen in de sociale interactie (PDD-NOS), concentratieproblemen en overbeweeglijkheid (ADHD). In de praktijk blijkt het echter vaak lastig om op klinische gronden een onderscheid te maken. Promovenda Karin Gomarus onderzocht of het verschil kon worden aangetoond op basis van informatieverwerkingsvaardigheden.
Niet significant
Karin Gomarus bestudeerde de functie van het werkgeheugen en de visuele, selectieve aandachtsfunctie van kinderen met PDD-NOS en ADHD. Aan groepen kinderen met PDD-NOS, ADHD, of kenmerken van beide ontwikkelingsstoornissen werd gevraagd computertaken uit te voeren terwijl er een EEG van hun hersenen werd gemaakt. De onderzoekster vergeleek de uitkomsten met die van een controlegroep. Ze ontdekte dat de patiëntgroepen meer tijd nodig hadden dan de controlekinderen naarmate het werkgeheugen extra belast werd. Tussen de klinische groepen onderling bleken echter op de scans geen statistisch significante verschillen te bestaan. Deze uitkomsten komen overeen met het beeld uit de klinische praktijk dat het lastig is om mogelijke verschillen tussen de betreffende ontwikkelingsstoornissen aan te wijzen.
Promovenda
Karin Gomarus (Norg, 1972) studeerde psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Zij verrichtte haar onderzoek bij Accare, een academische instelling voor kinder- en jeugdpsychiatrie. Het onderzoek werd gefinancierd door de Protestants Christelijke Kinderuitzending (PCK). Gomarus werkt sinds 2007 als psycholoog en wetenschappelijk onderzoeker bij GGZ Drenthe.
De titel van haar proefschrift luidt: ‘The psychophysiology of selective attention and working memory in children with PDD-NOS and/or ADHD’.
De Redactie, Geplaatst: 10 mei, 2010
Relevante categorieën: jeugdzorg, Gedrag, onderzoek, ADHD
Reacties op dit artikel:
s van Oosterhout
17 mei 2010 - 08:52
Is er ook specifiek onderzoek gedaan naar de aandachtsfunctie inzake sociaal gedrag en andere specifieke contact stoornissen, voor PDD-NOS?
Marion Herben
13 mei 2010 - 23:32
Wat verstaat de onderzoekster onder informatieverwerkingsvaardigheden? In het artikel wordt gesproken over 'betreffende ontwikkelingsstoornissen'. Op grond waarvan worden PDD-NOS en ADHD onder deze noemer geplaatst?
Marleen Wagner
11 mei 2010 - 18:39
Super interessant!
Uw reactie, mening: